Definitielijst
Laatst bijgewerkt 12-08-2026
In welk domein zoek je een definitie?
Of zoek direct op steekwoord
resultaten voor
Algemeen & Wettelijke Kaders
Algemeen
- Maaskoepel
- Maaskoepel is de overkoepelende organisatie van woningcorporaties in de regio Rotterdam. Zij behartigt de belangen van haar leden en richt zich op drie kernactiviteiten: ontwikkelen van gezamenlijk beleid, ontmoeten & kennis delen en het leveren van ondersteunende diensten (WNR, SUWR en BHrR).
- Stichting Urgentiebepaling Woningzoekenden Rijnmond (SUWR)
- In de stadsregio voert SUWR de urgentietaak uit voor de gemeenten Albrandswaard, Capelle aan den IJssel, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Maassluis.
- Bezwarencommissie Huisvesting regio Rotterdam (BHrR)
- Sinds 2012 worden door de Bezwarencommissie Huisvesting regio Rotterdam (BHrR) geschillen en bezwaren op het gebied van de huisvesting behandeld. BHrR is een samenwerkingsverband van gemeenten in de regio met Maaskoepel.
- Regio Rotterdam
- Gemeente Albrandswaard, gemeente Barendrecht, gemeente Capelle a/d IJssel, gemeente Krimpen a/d IJssel, gemeente Lansingerland, gemeente Maassluis, gemeente Nissewaard, gemeente Ridderkerk, gemeente Rotterdam, gemeente Schiedam, gemeente Vlaardingen en gemeente Voorne aan Zee.
- Aangesloten corporaties regio Rotterdam
- 3B Wonen, Habion, De Leeuw Van Putten, Havensteder, Hef Wonen, MaasWonen, Maasdelta Groep, Mooiland, Patrimonium Barendrecht, QuaWonen, Ressort Wonen, Samenwerking Vlaardingen, SOR, Waterweg Wonen, WBV Hoek van Holland, WBV Poortugaal, Woonbron, Wooncompas, Woonplus Schiedam, Woonstad Rotterdam, Woonstichting de Zes Kernen en Woonzorg Nederland.
Wettelijk Kader
- Woningwet (2015)
- De Woningwet legt de spelregels voor de sociale verhuursector vast. De Woningwet bevat onder andere regels over passend toewijzen, de kerntaak van woningcorporaties en toezicht.
- Huisvestingswet (2014)
- Wet die stelt dat gemeenten regels over woonruimteverdeling van goedkope woningen en over de samenstellingen van de woonruimtevoorraad voortaan alleen nog mogen stellen in een verordening. Net als in de oude wet (1993) is schaarste het motief voor toewijzingsregels. Nieuw is dat een gemeente de schaarste moet onderbouwen. Het idee daarachter is dat schaarste op zichzelf niet is op te lossen met woonruimteverdeling, maar dat er een breder pakket aan maatregelen nodig is.
- Verordening Woonruimtebemiddeling regio Rotterdam
- De verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 zoals vastgesteld door 11 gemeenten in de regio Rotterdam waarin de voorwaarden voor het verkrijgen van een Huisvestingsvergunning zijn vastgelegd. De verordening geeft de mogelijkheid om voorrangscriteria in te zetten om schaarste tegen te gaan. De gemeente Ridderkerk heeft verordening Woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2024 verlengd.
- Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Rotterdamwet)
- Wet die gemeenten extra mogelijkheden geven om problemen in bepaalde wijken en/of buurten aan te pakken. Toestemming van het rijk is nodig om de wet toe te passen.
- Artikel 8 Rotterdamwet
- Artikel 8 betreft een harde eis en stelt: "U woont minimaal zes jaar achter elkaar in de regio Rotterdam, of u heeft inkomen uit arbeid, bedrijf, regeling vervroegd uittreden, AOW, ouderdoms- of nabestaandenpensioen, of studiefinanciering."
- Artikel 9 Rotterdamwet
- Artikel 9 betreft voorrangscriteria en zijn dus geen harde eisen. Het betreft sociaaleconomische kenmerken, in de regio Rotterdam. Hieronder vallen: 1) een maatschappelijk beroep of bij de overheid (zorg, veiligheid, openbare orde of openbare orde); 2) een beroep in de maakindustrie in Schiedam; 3) minimaal 1 persoon uit het huishouden studeert op mbo-/hbo-/wo-niveau; 4) iemand uit het huishouden werkt als vrijwilliger; 5) een beroep in de dienstverlening (groot- en detailhandel, informatie en communicatie, vervoer en opslag etc.); 6) HWZ en MWZ zijn jonger dan 23 jaar; 7) hwz en mwz zijn tussen de 23 en 30 jaar oud; 8) iemand heeft 1 of 2 kinderen tot 12 jaar en geen kinderen van 12 jaar en ouder. Als (mede)woningzoekende aan 1 of meer van de voorrangscriteria voldoet, is de kans op de woning groter.
- Artikel 10 Rotterdamwet
- De voorwaarden in Artikel 10 zijn eisen. Artikel 10 stelt: "U heeft toestemming van de burgemeester en het college om de woning te kunnen huren. De burgemeester (gemeente) onderzoekt daarvoor uw gedrag streng. De burgemeester (gemeente) onderzoekt of u anderen veel last bezorgt of dat u zich slecht gedraagt."
Verordening Woonruimtebemiddeling
- Aanbodinstrument
- Via een website toegankelijke elektronische systeem waarmee aanbod en vraag van woonruimte bij elkaar wordt gebracht.
- Bemiddelingsmodel
- Een systeem waarmee de corporatie bepaalt in welke volgorde woningzoekenden voor huur van aangeboden woonruimte in aanmerking komen.
- Bindingsdoelgroep
- De woningzoekenden die behoren tot één of meer van de in artikel 14 van de wet bedoelde groepen woningzoekenden.
- Bruto-vloeroppervlakte
- Bruto-vloeroppervlakte als bedoeld in artikel 1.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving.
- Corporatie
- Een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet of een gemeente die woonruimte te huur aanbiedt.
- Direct aanbod
- Het door een corporatie rechtstreeks aan een specifieke woningzoekende te huur aanbieden van woonruimte.
- Eerste fase van de urgentie
- De fase van de urgentie die aanvangt op het moment dat de urgentieverklaring is verleend en eindigt nadat de zes daaropvolgende maanden zijn verstreken.
- Economisch gebonden
- Economisch gebonden als bedoeld in artikel 14, vierde lid, onder a, van de wet.
- Eigen toegang
- afsluitbare toegang tot uitsluitend één woonruimte vanuit: a. het openbaar gebied of direct aan het openbaar gebied toegankelijk erf zoals een voortuin; of, b. een door meerdere woonruimten gedeelde verkeersruimte zoals een trappenhuis of portiek.
- Gelabelde woonruimte
- Woonruimte behorende tot een bepaalde categorie. De categorieën woonruimte zijn aangewezen als categorieën woonruimte als bedoeld in artikel 11 van de wet.
- Herkomstgemeente
- De regiogemeente waar de aanvrager woonachtig was, direct voorafgaand aan huisvesting in een voorziening, instelling of inrichting als bedoeld in artikel 3.4.3.
- Woonruimte geschikt voor de huisvesting van senioren
- Huishoudens waarvan tenminste één lid de leeftijd van 55 jaar, of een hogere, nader te bepalen leeftijd, heeft bereikt.
- Woonruimte in het bijzonder geschikt en nodig voor bewoners met een beperking
- Huishoudens in het bezit van een indicatie.
- Woonruimte in het bijzonder geschikt voor de huisvesting van doorstromers
- Huishoudens die een zelfstandige woonruimte onbewoond achterlaten. Huishoudens die binnen de regio een zelfstandige woonruimte onbewoond achterlaten.
- Woonruimte in het bijzonder geschikt voor de huisvesting van jongeren
- Huishoudens waarvan alle leden niet ouder zijn dan 27 jaar, of een lagere, nader te bepalen, leeftijd hebben.
- Woonruimte in het bijzonder geschikt voor de huisvesting van starters
- Huishoudens die geen zelfstandige woonruimte onbewoond achterlaten.
- Woonruimte in het bijzonder geschikt voor gezinnen
- Huishoudens bestaande uit tenminste één volwassene en één kind jonger dan 18 jaar.
- Woonruimte in het bijzonder geschikt voor grote huishoudens
- Huishoudens bestaande uit ten minste vijf personen.
- Woonruimte met drie of minder kamers
- Huishoudens die zelfstandige woonruimte van een corporatie met vier of meer kamers onbewoond achterlaten.
- Herhuisvestingsverklaring
- Urgentieverklaring, verleend wegens de toepasselijkheid van de volgende urgentiegrond: doet zich voor indien het huisvestingsprobleem van aanvrager wordt veroorzaakt door de aanstaande sloop of ingrijpende renovatie van de huidige woonruimte van aanvrager of de aanstaande herstructurering van het gebied waarin deze woonruimte is gelegen, waardoor aanvrager redelijkerwijs niet meer in diens woonruimte kan blijven wonen indien aannemelijk is dat de sloop of ingrijpende renovatie binnen 18 maanden zal plaatsvinden.
- Huishouden
- Een alleenstaande, dan wel twee of meer personen, met of zonder kinderen, die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of wensen te voeren waarbij er sprake is van bewuste wederzijdse zorg en taakverdeling die het enkel gezamenlijk bewonen van een bepaalde woonruimte te boven gaat en waarbij de intentie bestaat om voor onbepaalde periode samen te wonen.
- Huisvestingsvergunning
- De vergunning als bedoeld in artikel 8 van de Huisvestingswet 2014.
- Indicatie
- Een advies van een door het college van burgemeester en wethouders aangewezen deskundige, waaruit blijkt of een huishouden als gevolg van een beperking van een lid of meerdere leden van het huishouden aangewezen is op woonruimte die in het bijzonder geschikt en nodig is voor bewoners met die beperking.
- Inkomen
- Rekeninkomen als bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel i, van de Wet op de huurtoeslag.
- Inkomensgrens
- De inkomensgrens als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet.
- Liberalisatiegrens
- Het bedrag genoemd in artikel 13, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de huurtoeslag.
- Maatschappelijk gebonden
- Maatschappelijk gebonden als bedoeld in artikel 14, vierde lid, onder b, van de wet.
- Meerderjarige
- Een persoon die de leeftijd van 18 jaar bereikt heeft, of, indien de leeftijd van 18 nog niet is bereikt: a. die meerderjarig is verklaard met toepassing van artikel 235ha van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek; b. aan wie met handlichting als bedoeld in artikel 235 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek de bevoegdheid tot het sluiten van huurovereenkomsten of koopovereenkomsten voor woonruimte is toegekend.
- Onzelfstandige woonruimte
- Woonruimte die geen eigen toegang heeft of niet door een huishouden kan worden bewoond zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten de woonruimte.
- Openbaar aanbod
- Het door een corporatie via het aanbodinstrument te huur aanbieden van woonruimte voor verhuur vrijkomende of beschikbare woonruimte.
- Passende woonruimte
- Woonruimte die gelegen is in het in de urgentieverklaring opgenomen zoekgebied en voldoet aan het in de urgentieverklaring opgenomen woonruimtetype.
- Passendheidsdoelgroep
- Een overeenkomstig artikel 11 van de wet aangewezen gedeelte van de overeenkomstig artikel 10, eerste lid, van de wet in deze verordening aangewezen categorie woningzoekenden die in verband met de aard, grootte of prijs van woonruimte voorrang hebben bij de verlening van huisvestingsvergunningen.
- Reactie
- De reactie waarmee een woningzoekende via het aanbodinstrument aangeeft, dat hij in aanmerking wenst te komen voor de door corporaties via het aanbodinstrument te huur aangeboden woonruimte.
- Regio
- De woningmarktregio bestaande uit de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee.
- Regiogemeente
- Een gemeente die deel uitmaakt van de regio.
- Slaapkameraantal
- Het in het woonruimtetype opgenomen slaapkameraantal.
- Standplaats
- Zoals bedoeld in artikel 1 van de Huisvestingswet 2014.
- Studentenwoning
- Woonruimte van een corporatie die met toepassing van het bepaalde in artikel 7:274d van het Burgerlijk Wetboek bestemd is voor bewoning door studenten.
- Tweede fase van de urgentie
- De fase van de urgentie die start op het moment dat de eerste fase van de urgentie eindigt.
- Uitverhuisperiode
- De periode die gelegen is tussen het verlenen van de urgentieverklaring, verleend voor indeling in de in artikel 3.4.7 bedoelde urgentiecategorie, en de in die urgentieverklaring genoemde datum waarop de houder van een urgentieverklaring zijn of haar huidige woonruimte gelet op de aanstaande sloop of ingrijpende renovatie uiterlijk verlaten moet hebben.
- Urgentiecategorie
- Een urgentiecategorie, bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de wet.
- Urgentiecriteria
- De criteria volgens welke de woningzoekenden ingedeeld worden in de in paragraaf 3.4 bedoelde urgentiecategorieën.
- Urgentieverklaring
- De beschikking waarmee een woningzoekende door het college van burgemeester en wethouders worden ingedeeld in een urgentiecategorie als bedoeld in artikel 12 van de wet.
- Voorkeursurgentieregio
- De urgentieregio waarvan de houder van de urgentieverklaring bij het indienen van de aanvraag heeft aangegeven bij voorkeur te willen wonen.
- Wet
- De Huisvestingswet 2014.
- Woonruimtetype
- Het woonruimtetype als bedoeld in artikel 3.2.3.
- Zelfstandige woonruimte
- Woonruimte die geen onzelfstandige woonruimte is.
- Zoekgebied
- Het als onderdeel van het zoekprofiel in de urgentieverklaring op te nemen deel van de regio waarin een woonruimte gelegen moet zijn.
- Zoekprofiel
- De in de urgentieverklaring op te nemen eigenschappen waaraan een woonruimte moet voldoen zodat aan de houder van de urgentieverklaring de in artikel 12, eerste lid, van de wet bedoelde voorrang kan worden gegeven bij de verlening van een huisvestingsvergunning voor die woonruimte.
Monitors
Monitor woonruimtebemiddeling regio Rotterdam (OBI)
- Aanbiedingen
- Alle via de media (internet) aangeboden woningen in 2025, exclusief clusteraanbiedingen, plus alle directe bemiddelingen buiten de media van het bemiddelingsmodel om in deze periode. Het betreft hier enkel de woningen tot en met de sociale huurgrens die door corporaties aangeboden worden.
- Actief woningzoekenden
- Woningzoekenden die in de betreffende periode op via de media (internet) aangeboden woningen hebben gereageerd.
- Bemiddelingsmodel
- Het beschikbare woningaanbod wordt in het aanbodmodel op twee verschillende manieren aangeboden: via de website van WoonnetRijnmond en door directe bemiddeling. Binnen de aanbiedingen die via de website gaan worden vier verschillende bemiddelingsmodellen gebruikt: het Inschrijfduurmodel, het WoningLotingmodel, het DirectKansmodel en het Wens&Wachtmodel. Een woning kan in één model worden aangeboden, niet in meerdere tegelijk. De woningzoekenden krijgen inzicht in het totale aanbod en kiezen zelf op welke manier zij aan een woning willen komen. Iedere woningzoekende heeft toegang tot elk model. De modellen sluiten aan bij verschillende klantsegmenten.
- DirectKans
- Voor starters, snelzoekers en spoedzoekers. Dit zijn mensen die snel een woning nodig hebben, maar niet in aanmerking komen voor urgentie. Er kan gereageerd worden binnen een tijdslot van een kwartier (20:00-20:15). De rangorde wordt bepaald door loting en daarna bekend gemaakt. Urgent woningzoekenden hebben geen voorrang in dit model.
- Inschrijfduur
- Voor reguliere, oriënterende woningzoekenden. Dit zijn mensen die op zoek zijn naar een woning die beter bij hen past. De rangorde wordt bepaald op basis van de inschrijfduur. Urgent woningzoekenden hebben voorrang in dit model. Elke corporatie kan per kalenderjaar voor maximaal 5% van de geadverteerde woningen in het inschrijfduurmodel aangeven dat een urgent woningzoekende niet met voorrang kan reageren op een woning.
- Wens&Wacht
- Voor gerichte zoekers. Dit zijn woningzoekenden die weten waar ze willen wonen en kunnen wachten op een woning die aan alle wensen voldoet. Urgent woningzoekenden hebben geen voorrang in dit model.
- WoningLoting
- Voor starters, snelzoekers en spoedzoekers. Dit zijn mensen die snel een woning nodig hebben, maar niet in aanmerking komen voor urgentie. De woning wordt minimaal drie dagen geadverteerd. De rangorde wordt bepaald door loting. Urgent woningzoekenden hebben geen voorrang in dit model.
- Directe Bemiddeling
- Deze woningen worden buiten de media van het regionale bemiddelingsmodel aangeboden.
- Doelgroepen
- Het inkomen, grootte van het huishouden en leeftijd bepalen samen de inkomensgroep, ofwel de doelgroep.
- Economische binding
- Woningzoekende is economisch gebonden aan de woningmarktregio, de gemeente of de kern indien hij met het oog op de voorziening in bestaan een redelijk belang heeft zich in die woningmarktregio, die gemeente of die kern te vestigen en als er voor het inkomen van woningzoekende een redelijk belang is zich in de regio te vestigen.
- Maatschappelijke binding
- Woningzoekende is maatschappelijk gebonden aan de woningmarktregio, de gemeente of de kern indien hij: 1) een redelijk, met de plaatselijke samenleving verband houdend belang heeft zich die woningmarktregio, die gemeente of die kern te vestigen,; of 2) ten minste zes jaar onafgebroken ingezetene is dan wel gedurende de voorafgaande tien jaar ten minste zes jaar onafgebroken ingezetene geweest van die woningmarktregio, die gemeente of die kern.
- DAEB-doelgroep
- Woningzoekenden met een huishoudinkomen tot en met €51.537 (eenpersoonshuishouden) of €56.910 (meerpersoonshuishoudens). De DAEB-doelgroep bestaat uit de primaire doelgroep en de secundaire doelgroep. In principe moeten corporaties 92,5% van de vrijkomende sociale huurwoningen toewijzen aan de DAEB-doelgroep. 7,5% van de woningen mag vrij worden toegewezen. Dit percentage van 7,5% mag echter worden verhoogd naar maximaal 15%. Corporaties moeten hiervoor afspraken maken met de gemeente en huurdersorganisatie en dit vastleggen in de prestatieafspraken. In dat geval moet er dus minimaal 85% van de woningen naar de doelgroep.
- Doorstromer
- Huishouden dat bij verhuizing een voor bewoning beschikbare woning achterlaat.
- Geslaagde reguliere woningzoekende
- Woningzoekende, exclusief urgent woningzoekenden, herhuisvestingskandidaten en vergunninghouders, die in de betreffende periode geslaagd is via het Inschrijfduur-, WoningLoting-, DirectKans- en Wens&Wachtmodel of via directe bemiddeling.
- Herhuisvestingskandidaten
- Huishoudens die wegens sloop of ingrijpende verbetering van de woning moeten verhuizen en hiervoor een herhuisvestingsverklaring hebben ontvangen. Ze behoren samen met de groep urgent woningzoekenden (inclusief vergunninghouders) tot de groep voorrangskandidaten.
- Niet-DAEB doelgroep
- Woningzoekenden met een huishoudinkomen boven €51.537 (eenpersoonshuishouden) of €56.910 (meerpersoonshuishouden). Sinds de jaarrapportage wordt de niet-DAEB doelgroep niet meegenomen bij de reacties en actief woningzoekenden. Ze maken wel onderdeel uit van de groep geslaagden.
- Primaire doelgroep
- Alleenstaanden tot AOW leeftijd met een belastbaar inkomen tot en met €29.400, alleenstaanden vanaf AOW leeftijd met een belastbaar inkomen tot en met €28.775, meerpersoonshuishoudens tot AOW leeftijd met een belastbaar inkomen tot en met €39.925, en meerpersoonshuishoudens vanaf AOW leeftijd met een belastbaar inkomen tot en met €38.650. Samen met de secundaire doelgroep vormt de primaire doelgroep de DAEB-doelgroep.
- Secundaire doelgroep
- Woningzoekenden die niet tot de primaire doelgroep behoren met een huishoudinkomen tot en met €51.537 (eenpersoonshuishouden) of €56.910 (meerpersoonshuishouden). Samen met de primaire doelgroep vormt de secundaire doelgroep de DAEB-doelgroep.
- Hoge aftoppingsgrens
- Deze grens is van toepassing op huishoudens van 3 of meer personen.
- Huurtoeslag
- Tegemoetkoming in de huurkosten door de overheid voor lagere inkomensgroepen om het huren van een woning betaalbaar te houden. De hoogte van de huurtoeslag is afhankelijk van de hoogte van het inkomen van het huishouden in relatie tot de hoogte van de huurprijs. Om in aanmerking te komen voor huurtoeslag dient de maandhuur niet hoger dan €932,93 te zijn (DAEB-huurgrens). Twee belangrijke begrippen bij huurtoeslag zijn de kwaliteitskortingsgrens aftoppingsgrens.
- Aftoppingsgrens
- Grens die bij huurtoeslag gebruikt wordt. Een huurprijs boven deze grens betekent dat de huurtoeslag ’afgetopt’ (verlaagd) wordt. De lage aftoppingsgrens geldt voor eenpersoonshuishoudens en tweepersoonshuishoudens tussen de 21 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd. De hoge aftoppingsgrens geldt voor huishoudens van 3 of meer personen. De grens geldt ook voor tweepersoonshuishoudens, als minstens 1 van de 2 ouder is dan de AOW-gerechtige leeftijd. En voor tweepersoonshuishoudens die vanwege een handicap in een aangepaste woning wonen.
- Basishuur
- Het gedeelte van de huur dat een huishouden sowieso zelf moet betalen (en dus geen huurtoeslag voor krijgt). De basishuur is afhankelijk van het inkomen: hoe lager het inkomen, hoe lager de basishuur.
- DAEB-huurgrens
- Woningen met een huurprijs onder de DAEB-huurgrens zijn sociale huurwoningen. Woningen met een huur boven de DAEB-huurgrens zijn vrije sector woningen.
- Lage aftoppingsgrens
- Deze grens geldt voor 1-persoonshuishoudens en voor 2-persoonshuishoudens.
- Inkomensgroepen
- Groepen van mensen met een minimaal inkomen en een maximaal inkomen. De groepen worden bepaald op basis van leeftijd, inkomen en huishoudgrootte. Op basis hiervan zijn 14 inkomensgroepen vastgesteld. De inkomensgroepen vormen de basis van passend toewijzen.
- Middenhuur
- Woningen met een huurprijs tussen de DAEB-huurgrens en liberalisatiegrens.
- Passend toewijzen
- Huishoudens met recht op huurtoeslag moeten sinds 1 januari 2016 in principe een woning toegewezen krijgen met een huur onder de aftoppingsgrenzen. Corporaties zijn daartoe verplicht in ten minste procent van de gevallen. Ze hebben een marge van 5 procent voor uitzonderingssituaties. Deze passendheidsnorm is onderdeel van de Woningwet die op 1 juli 2015 inging.
- Slaagkans
- Het aantal woningzoekenden (per subgroep) dat in de betreffende periode een woning heeft verkregen via de media of directe bemiddeling, gedeeld door het aantal actief woningzoekenden (per subgroep) dat op die woningen heeft gereageerd plus het aantal geslaagde direct bemiddelden die niet ook al hebben gereageerd, uitgedrukt als een percentage.
- Starter
- Huishouden dat in een zelfstandige woning gaat wonen, maar geen voor bewoning beschikbare woning achterlaat.
- Urgent woningzoekenden
- Woningzoekenden met een dringend huisvestingsprobleem waarvoor ze een urgentieverklaring toegekend hebben gekregen. Hieronder vallen ook vergunninghouders. Urgent woningzoekenden behoren samen met de groep herhuisvestingskandidaten tot de groep voorrangskandidaten.
- Verhuringen
- Alle via de media (internet) verhuurde woningen in de betreffende periode plus alle verhuurde woningen die door directe bemiddeling buiten de media van het bemiddelingsmodel om zijn verhuurd.
- Voorrangskandidaten
- Woningzoekenden die tot de groep urgent woningzoekenden (inclusief vergunninghouders) of tot de groep herhuisvestingskandidaten behoren.
Monitor WNR
- Advertentie
- De woningcorporatie plaatst een advertentie van een woning op WoonnetRijnmond waar woningzoekenden op kunnen reageren. De advertenties bevatten in ieder geval de volgende informatie (tenzij het een clusteradvertentie is): adres, plaats, wijk, huurprijs en bijkomende kosten, woningtype, oppervlakte, aantal kamers, bouwjaar, verhuurder, reactieperiode, beschikbaarheidsdatum, toegankelijkheid, advies over woonlasten, energielabel, opvallende kenmerken van de woning en ten minste twee foto’s. Een plattegrond en/of video van de woning worden altijd toegevoegd aan de advertentie als deze beschikbaar zijn. De beelden en teksten in de advertentie zijn afgestemd op de woningzoekenden.
- Cluster
- Een cluster zijn de woningen van hetzelfde type binnen een complex
- Complex
- Een complex is een groep woningen. Bijvoorbeeld een seniorenwoongebouw of een nieuwbouwproject. Je kunt niet op een complex reageren, je ziet alleen informatie over het complex. Heeft het complex een geadverteerde cluster? Dan kun je reageren op het cluster.
- Kwaliteitskortingsgrens
- Grens die bij huurtoeslag gebruikt wordt. Een huurprijs boven deze grens betekent dat er relatief minder huurtoeslag gegeven wordt, de zogenaamde kwaliteitskorting. Het idee is dat een hogere huur ook een betere woning met zich meebrengt.
- Maximale huurgrens
- De huur vanaf de aftopgrens tot aan de DAEB-huurgrens. Woningen met een huur onder de DAEB-huurgrens zijn sociale huurwoningen.
- Inschrijvingen
- Iedereen die zich op een bepaald moment heeft ingeschreven bij WoonnetRijnmond.
- Inschrijvingen huurwoning
- Iedereen die zich heeft ingeschreven op WoonnetRijnmond om te kunnen zoeken naar huurwoningen.
- Inschrijvingen met urgentie
- Iedereen die een urgentieverklaring heeft gekregen en daarmee kan zoeken naar woningen op WoonnetRijnmond.
- Geliberaliseerd
- Geliberaliseerde woningen zijn vrije sector woningen. Dit zijn woningen met een huur boven de liberalisatiegrens.
- Marktdruk
- Het aantal woningzoekenden dat gereageerd heeft op verhuurde woningen, gedeeld door het aantal verhuurde woningen, uitgedrukt het gemiddelde aantal woningzoekenden per verhuurde woning. Exclusief directe bemiddelingen en woningzoekenden die met Wens&Wacht een woning hebben verkregen.
- Hoge inkomens
- Woningzoekenden met een hoog inkomen.
- Vrij toewijzen
- Woningcorporaties moeten ten minste 85% van de vrijkomende sociale huurwoningen toewijzen aan hun doelgroepen. • De belangrijkste doelgroep van woningcorporaties zijn huishoudens met een inkomen beneden de DAEB- inkomensgrens. • Daarnaast mogen corporaties 7,5% van de vrijkomende woningen vrij toewijzen, dus ook aan mensen met een inkomen boven de DAEB-inkomensgrens. Lokaal bestaat de mogelijkheid om de vrije toewijzingsruimte te verruimen naar 15% indien woningcorporaties, huurdersorganisaties en gemeenten daar prestatieafspraken over hebben gemaakt.
- Middeninkomens
- Woningzoekenden met een middeninkomen.
- Actief huurachterstand
- Huurder is ontruimd vanwege een huurschuld. Bij het voldoen van de schuld stopt de registratie van huurder en neemt deze weer deel aan het reguliere verhuringsproces.
- Actief overlast
- Huurder is ontruimd vanwege klachten over overlast.
- Directe uitsluiting Noorderzonner
- Huurder heeft de woning vlak voordat hij/zij de woning zou worden uitgezet, verlaten zonder de corporatie over het vertrek te informeren.
- Directe uitsluiting bedreiging
- Huurder is ontruimd vanwege het bedreigen van een corporatiemedewerker.
- Directe uitsluiting oneigenlijk gebruik
- Huurder is ontruimd vanwege oneigenlijk gebruik van de woning. Voorbeelden zijn een wietplantage, prostitutie of een illegaal pension.
- Lopende reacties
- Reacties op woningen die nog op de website staan en waar nog op gereageerd kan worden. Na de reactieperiode wordt de woning niet meer aangeboden op de website en verschuift de reactie van ' lopende reacties' naar 'mijn reacties'.
- Reactietermijn
- De termijn dat een woning op WoonnetRijnmond wordt geadverteerd. Wanneer de reactietermijn van een woning is verlopen verwijdert de woningcorporatie deze woning van de website.
- Sociale Huur
- Woningen met een netto maandhuur tot aan de DAEB-huurgrens.
- Geen urgentie
- Regulier woningzoekenden die niet in het bezit zijn van een urgentieverklaring.
- Vergunninghouders
- Asielzoekers worden vergunninghouders zodra ze een verblijfsvergunning krijgen. Ze gaan dan deel uitmaken van de Nederlandse samenleving. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) koppelt deze vergunninghouders aan gemeenten. Gemeenten moeten hen passende woonruimte aanbieden.
- Vrije sector
- De huurprijs van woningen in de vrije sector ligt boven de liberalisatiegrens en kent geen maximum. Het is altijd een zelfstandige woning met een eigen toegang en een eigen keuken, toilet en badruimte.
- Benedenwoning
- Een woning die zich op de begane grond begeeft. Een trap of lift is niet nodig om de woning te kunnen betreden.
- Eengezinswoning
- Een woning geschikt voor gezinnen.
- Flatwoning met lift
- Een etagewoning waarbij een lift in het gebouw aanwezig is.
- Flatwoning zonder lift
- Een etagewoning waarbij geen lift in het gebouw aanwezig is.
- Maisonnette woning
- Een etagewoning bestaande uit meerdere verdiepingen in een groter pand.
- Vrije selectie
- Woningen boven de liberalisatiegrens kunnen via het model vrije selectie worden geadverteerd.
Monitor HKD + beschikbaarheid
- 1-route
- Woningzoekenden vanuit een hulpverleningstraject komen op dit moment via verschillende wegen bij Stichting Urgentiebepaling Woningzoekenden Rijnmond (SUWR), gemeente Rotterdam of een woningcorporatie. SUWR is in 2014 in gesprek gegaan met alle partijen om dit proces te vereenvoudigen. Er is een transparante en eenduidige werkwijze ontwikkeld genaamd ‘1 route’. Binnen 1 route krijgen alle partijen toegang tot het portaal van SUWR. Hulpverleningsinstellingen kunnen daardoor rechtstreeks urgenties aanvragen voor hun cliënten en woningcorporaties direct op de vraag ingaan door een passende woning aan te bieden. Hulpverleningsinstellingen en woningcorporaties in Rotterdam worden met deze werkwijze ontlast in hun werkzaamheden. SUWR draagt zorg voor de uitvoering en de monitoring.
- Acute onvoorziene huisvestingsbehoefte
- De woningzoekende beschikt als gevolg van een acute en onvoorziene omstandigheid niet meer over zelfstandige woonruimte en zou in verband daarmee in aanmerking komen voor een urgentieverklaring, maar het is om humanitaire redenen onwenselijk om te wachten totdat hij of zij met die urgentieverklaring woonruimte zou vinden.
- Bemiddelingstijd
- De tijd in maanden tussen de toekenning van de urgentie en het huisvesten van de urgent.
- Directe bemiddeling
- Het rechtstreeks aan een woningzoekende aanbieden van woonruimte zonder dat die woonruimte via het aanbodinstrument te huur is aangeboden.
- Doorstroming
- Label dat aan woningzoekenden wordt toegekend om de doorstroming op de woningmarkt te bevorderen. Het gaat dan om bewoners die een schaarse woning achterlaten, opschuiven binnen een complex, verhuizen uit een complex dat niet meer aan de eisen voldoet of een kleine renovatie of ingreep waarbij men voor een kortere periode het huis moet, dit niet ziet zitten en daarom eenmalig wil verhuizen.
- Hardheidsclausule
- Het bestuursorgaan dat belast is met het beslissen op aanvragen om een urgentieverklaring is, indien strikte toepassing van deze verordening zou leiden tot weigering van een urgentieverklaring, bevoegd om toch een urgentieverklaring toe te kennen indien: a. weigering van een urgentieverklaring leidt tot een schrijnende situatie; en, b. sprake is van bijzondere, bij het vaststellen van de verordening onvoorziene, omstandigheden die gelet op het doel van de verordening redelijkerwijs toch tot een grond voor de verlening van een urgentieverklaring zouden kunnen zijn.
- Herhuisvestingkandidaat
- Huishoudens die wegens sloop of ingrijpende verbetering van de woning moeten verhuizen en hiervoor een herhuisvestingsverklaring hebben ontvangen. Ze behoren samen met de groep urgent woningzoekenden (inclusief vergunninghouders) tot de groep voorrangskandidaten.
- Huurzorgcontract
- Een huurcontract dat is gecombineerd met zorg voor woningzoekende. Een huurzorgcontract wordt gebruikt bij woningzoekenden die problemen hebben met zelfstandig wonen. In het contract staan begeleidings-/zorgafspraken waar de woningzoekende zich aan dient te houden.
- Inschrijfnummer
- Het registratienummer dat iemand toegewezen krijgt bij een inschrijving op WoonnetRijnmond.
- Omklapping
- Het huurcontract staat eerst op naam van een instelling (bijvoorbeeld het Leger des Heils). Bij een 'omklapping' komt het huurcontract op naam te staan van zittende huurder.
- Sociaal basis verhuringen
- Verhuringen t/m de hoge aftoppingsgrens.
- Sociaal plus verhuringen
- Verhuringen vanaf de hoge aftoppingsgrens t/m de DAEB-huurgrens.
- Sociale verhuringen
- Verhuringen t/m de DAEB-huurgrens
- SOK
- Samenwerkingsovereenkomst tussen woningcorporaties en gecontracteerde zorginstellingen voor de regeling uitstroom uit zorg- of opvanginstelling met zorg of begeleiding.
- Sokker
- Woningzoekende die op basis van doorstroming vanuit een opvanginstelling urgentie krijgt.
- Taakstelling
- De rijksoverheid stelt per gemeente een minimale huisvestingsopgave vast in de vorm van een halfjaarlijkse taakstelling. De taakstelling betreft een Bijzondere Doelgroepen. Het gaat dan bijvoorbeeld over statushouders, doorstroom uit nachtopvang of uitstroom uit zorginstellingen.
- Tijdelijke verhuur
- Op WoonnetRijnmond.nl vind je soms tijdelijke huurwoningen. Er zijn verschillende tijdelijke contracten: • Jongerencontract: Voor jongeren tot 28 jaar, zodat deze woningen beschikbaar blijven voor jongeren. • Flexwoning: Dit is een woning voor tijdelijk gebruik op een tijdelijke plek. • Leegstand: Soms staat een woning tijdelijk leeg, bijvoorbeeld door sloop of renovatie.
- Urgenten
- Woningzoekenden die een urgentieverklaring toegekend hebben gekregen. Vergunninghouders worden meegenomen als urgent woningzoekende.
- Urgentieverlener
- Het bestuursorgaan dat beslist over de aanvraag voor een urgentieverklaring.
- Fase 1
- De eerste 6 maanden vanaf het ingaan van de urgentie. Urgent dient in deze periode minimaal 24 keer te reageren op passende woningen volgens het zoekprofiel op WoonnetRijnmond.
- Fase 2
- Als urgent na 6 maanden nog geen passende woning heeft gevonden en verder heeft voldaan aan de voorwaarden van fase 1, belandt deze in fase 2, ook wel de directe bemiddeling.
- Medische urgentie
- Urgentie die wordt verleend als iemand uit het huishouden door medische problemen niet langer in de huidige zelfstandige woning kan blijven wonen en moet verhuizen naar een andere geschikte woning. Voorbeelden van medische problemen zijn ernstige lichamelijke beperkingen of luchtwegproblemen.
- Urgentie op basis van doorstroming vanuit opvanginstellingen
- Urgentie die wordt verleend als iemand door zijn/haar problematiek de woonruimte is kwijtgeraakt en vanwege de problematiek hulpverlening noodzakelijk was. Het hulpverleningstraject is afgerond of moet worden voortgezet in een toekomstige woning (middels een huurzorgcontract).
- Urgentie op basis van geweld en bedreiging
- Urgentie die wordt verleend als er sprake is van ernstig psychisch of fysiek geweld of bedreiging, waardoor iemand uit het huishouden niet langer in de zelfstandige woning kan blijven wonen. Voorwaarden zijn dat er melding of aangifte is gedaan en dat instanties op de hoogte zijn van de situatie.
- Urgentie op basis van mantelzorg
- Urgentie die wordt verleend als woningzoekende afhankelijk is van (mantel)zorg, zelf (mantel)zorg verleent of langere tijd afhankelijk is van directe zorg van een instelling.
- Urgentie op basis van onbewoonbaarheid
- Urgentie die wordt verleend als de huidige zelfstandige woning onbewoonbaar is of per direct onbewoonbaar is door bijvoorbeeld brand en niet meer binnen 3 maanden te herstellen is.
- Urgentiegrond
- Grond op basis waarvan urgentie verleend wordt.
- Wachttijd
- Datum begin van de maand min de besluitdatum van de urgentie gedeeld door het gemiddeld aantal dagen in een maand.
- Woningruil
- Bij woningruil van huurwoningen spreken 2 huurders met elkaar af om van woning te ruilen. Voor woningruil is toestemming nodig van de verhuurders van beide woningen.
- Woongroep
- Het bewonen van een zelfstandige woonruimte door een groep huurders (inclusief hun kinderen), die geen gemeenschappelijke huishouding voeren, geen onderlinge huurrelatie hebben, maar wel op basis van eigen initiatief kiezen om samen te wonen.
- Zelfzoeker
- Urgent woningzoekenden die via WoonnetRijnmond zelf reageren op woningen. Urgent woningzoekenden dienen in de eerste zes maanden na toekenning van urgentie minimaal 24 keer te reageren op passende woningen volgens het zoekprofiel op WoonnetRijnmond.
- Zorginstellingen
- Gecontracteerde zorgpartijen van de gemeente in het kader van de uitvoering van de WMO, WLZ, Jeugdwetindicatie.
Monitor Lokale Binding
- Binding
- Sommige woningen worden met specifieke geografische, economische of sociale bindingseisen aangeboden via de media.
- Lokale Binding
- De mogelijkheid om met voorrang te kunnen reageren op sociale huurwoningen, vanwege een economische of maatschappelijke binding met één gemeente in de regio Rotterdam.
- Regionale Binding
- De mogelijkheid om met voorrang te kunnen reageren op sociale huurwoningen, vanwege een economische of maatschappelijke binding met de regio Rotterdam.
- Geen binding
- Als een woning niet met specifieke geografische, economische of sociale bindingseisen wordt aangeboden via de media.
- Geografische voorrang
- De mogelijkheid om met voorrang te kunnen reageren op sociale huurwoningen, omdat je woonachtig bent in de regio, gemeente of deel van de gemeente van de geadverteerde woning.
- Einddatum advertentie
- De datum waarop een advertentie van een woning niet meer wordt aangeboden op WoonnetRijnmond.
- Geadverteerde woning
- Een woning die binnen een bepaalde periode geadverteerd is op WoonnetRijnmond.
- Registratiedatum verhuringen
- De datum waarop een nieuwe verhuring is geregistreerd.
- Verhuurd (excl. directe bemiddeling)
- Het totaal aantal verhuringen exclusief inzet van directe bemiddeling.
- Verhuurd (incl. directe bemiddeling)
- Het totaal aantal verhuringen inclusief inzet van directe bemiddeling.
- Vhe
- Verhuurde eenheden
Monitor Middenhuur
- test
- test
- Foutieve advertentie
- Een advertentie waar verkeerde informatie in staat
- Geen kandidaten
- Een advertentie waar geen reactie op is gekomen.
- Ingetrokken advertentie
- Advertenties op WoonnetRijnmond die na bepaalde tijd weer offline zijn gehaald.
- Inkomensgroep
- Groepen van mensen met een minimaal inkomen en een maximaal inkomen. De groepen worden bepaald op basis van leeftijd, inkomen en huishoudgrootte. Op basis hiervan zijn 14 inkomensgroepen vastgesteld. De inkomensgroepen vormen de basis van passend toewijzen.
- Intrekking huuropzegging
- Een advertentie waarbij de huidige bewoner van de woning toch in de woning blijft wonen.
- Ten onrechte geadverteerd
- Een advertentie die ten onrechte is geadverteerd
- Verhuurd op andere wijze
- Een woning die is verhuurd, maar niet via WoonnetRijnmond geadverteerd is.
- Middeninkomen
- Woningzoekenden met een middeninkomen.
- Verhuring
- We spreken van een verhuring als een woning verhuurd wordt aan een woningzoekende.
Spelregels, prestatieafspraken & inschrijfvoorwaarden
Spelregels
- WoonnetRijnmond
- WoonnetRijnmond faciliteert het oriënteren en zoeken van woningzoekenden met een internetsite met woningaanbod, die 7 dagen per week, 24 uur per dag beschikbaar is.
- WoonnetRijnmond.nl
- De website waar al het aanbod van de aangesloten corporaties op wordt geadverteerd. Woningzoekenden gebruiken deze website om zich in te schrijven, hun WoonWens in te vullen en te reageren op woningen.
- Betaling inschrijving en verlenging
- Voorwaarde voor een woningzoekende om zich in te schrijven is een betaling van € 15,-. Voor jaarlijkse verlenging is het bedrag €10,-
- Vrijgestelden betaling inschrijving en verlenging
- Er zijn 4 groepen vrijgesteld van betaling: herhuisvestingskandidaten, vergunninghouders en huishoudens die in acute onvoorziene omstandigheid verkeren en direct bemiddeld worden. Bijvoorbeeld bij brand of calamiteit (‘hardheid’). Ten slotte zijn ook huishoudens die een woning verkrijgen via een directe bemiddeling en niet ingeschreven staan bij WoonnetRijnmond, vrijgesteld van betaling.
- Beëindiging inschrijving
- Beëindiging van de inschrijving gebeurt als: a) woningzoekende zelf aangeeft niet langer ingeschreven te willen staan; b) bij overlijden; c) wanneer een woningzoekende verhuist naar een zelfstandige huur- of koopwoning in Nederland. De inschrijving eindigt automatisch wanneer een woningzoekende via Woonnet Rijnmond een zelfstandige woning huurt. Direct na verhuizing kan een woningzoekende zich opnieuw registreren. Wanneer een woningzoekende buiten Woonnet Rijnmond om verhuist, wordt de datum waarop de adreswijziging is doorgegeven de nieuwe datum van inschrijving (bij doorstromers); d) als de ingeschrevene de verlengingskosten niet betaalt; e) als fraude van documenten om in aanmerking te komen voor een woning wordt vastgesteld; of f) als met het account van de inschrijving twee of meer keer een geautomatiseerde reactie is geplaatst.
- Spelregels
- De Spelregels woonruimtebemiddeling Maaskoepel, zoals vastgesteld door de federatieraad Maaskoepel, waarin de voorwaarden zijn vastgelegd voor het aangaan van een overeenkomst tussen de woningzoekende en de corporatie.
- Uitzonderingen beëindiging inschrijving
- Er zijn situaties waarbij een woningzoekende de inschrijving en inschrijfduur behoudt: • Urgent woningzoekenden die verhuizen naar een woning die past binnen het zoekprofiel. • Herhuisvestingskandidaten. • Bij verhuizing naar een woning in het kader van een tijdelijke huurovereenkomst op basis van wettelijke regels. • Bij verhuizing naar een woning waarbij huurder een huurovereenkomst voor een onzelfstandige woning is aangegaan. • Bij verhuizing naar een woning waarbij huurder een huurovereenkomst is aangegaan voor een zelfstandige woning in een gebouw waarvoor een omgevingsvergunning is verleend met een termijn van maximaal 15 jaar (bijvoorbeeld flexwoningen). • Bij verhuizing via een directe bemiddeling in verband met een acute onvoorziene omstandigheid of op basis van hardheid.
- Labels
- Corporaties mogen woningen die uitermate geschikt zijn voor bepaalde woningzoekenden adverteren met een label.
- Label: Aantal personen
- Om redenen van beheer of overbewoning en om te voldoen aan de wettelijke verplichting het woongenot te bewaren, zijn labels mogelijk voor een maximaal aantal personen en/of maximaal aantal kinderen. Hiervan kan sprake zijn als bewoners en/of omwonenden door overbewoning hinder ervaren en de woning qua oppervlakte, ligging, aantal kamers, bouwkundige staat of uitrustingsniveau (bijvoorbeeld houten vloeren) niet aansluit bij het aantal personen.
- Label: Doorstromer of starter
- Om de doorstroming te bevorderen of starters meer kans te geven, kan gelabeld worden voor doorstromers of starters.
- Label: Gezinnen
- Woonruimten die bij uitstek geschikt zijn voor gezinnen kunnen gelabeld worden voor gezinnen. Een gezin bestaat uit minimaal één volwassene en één inwonend kind in de leeftijd tot 18 jaar. Er kan ook gelabeld worden voor een minimum en maximum aantal kinderen.
- Label: Indicatie
- Woningen met dit label zijn speciaal geschikt zijn voor mensen met een beperking. Of iemand tot deze doelgroep behoort, moet blijken uit een geldige indicatie10 (Wlz, Wmo of Zvw).
- Label: Leeftijd
- Woningen met dit label zijn specifiek bedoeld voor woningzoekenden van 55 jaar en ouder, 65 jaar en ouder of 75 jaar en ouder. Vaak geldt hierbij ook de voorwaarde dat er geen inwonende kinderen meeverhuizen.
- Label: Regionale of Lokale binding
- Corporaties mogen woningzoekenden met regionale of lokale binding met voorrang bemiddelen. Voorrangscriteria voor binding van regionalen blijft beperkt tot maximaal 50% van de verhuringen
- Label: Vitaal beroep
- Corporaties mogen woningzoekenden met een vitaal beroep en een contract voor tenminste 24 uur met voorrang bemiddelen
Prestatieafspraken
- Prestatieafspraken
- Afspraken tussen de gemeente en de eigen corporatie(s) over welke groepen woningzoekenden extra aandacht nodig hebben, als gevolg van schaarste. Per corporatie is een aparte afsprakenset ondertekend, afhankelijk van de kenmerken van het bezit (type, segment, plaats en kwaliteit en toekomstbestendigheid) en de investeringsstrategie van een corporatie.
Inschrijfvoorwaarden
- Inschrijving
- Met een betaalde inschrijving in WoonnetRijnmond kan een woningzoekende reageren op alle huurwoningen waarbij de woningzoekende voldoet aan de in de advertentie gestelde voorwaarden.
- Reactieperiode
- De periode waarin een reactie op een advertentie uitgebracht kan worden. De woning staat dus in deze periode op woonnetrijnmond.nl geadverteerd.
- Aanbieding van een gereguleerde woning
- Een aanbieding voor een sociale huurwoning (met een huurprijs onder de liberalisatiegrens)
- Aanbieding van een niet gereguleerde woning
- Een aanbieding voor een vrije sector huurwoning, koopwoning of overig object zoals parkeerplaats of bedrijfsruimte.
- Inschrijfvoorwaarden
- De inschrijfvoorwaarden bevatten alle informatie waar een woningzoekende aan moet voldoen om zich te kunnen inschrijven bij WoonnetRijnmond.
Regionaal Vangnet
- Regionaal Vangnet
- Een lijst met huurders die na een vonnis van de rechter of een objectieve vaststelling (door burgemeester, deurwaarder of politie) ontruimd zijn uit hun woning. Alle woningcorporaties die in de regio Rotterdam actief zijn, werken mee aan het bijhouden van deze lijst.
- RV- reden van ontruiming: huurschuld
- Huurder is ontruimd vanwege een huurschuld. Bij het voldoen van de schuld stopt de registratie van huurder en neemt deze weer deel aan het reguliere verhuringsproces.
- RV- reden van ontruiming: overlast
- Huurder is ontruimd vanwege klachten over overlast.
- RV- reden van ontruiming: bedreiging
- Huurder is ontruimd vanwege het bedreigen van een corporatiemedewerker.
- RV- reden van ontruiming: oneigenlijk gebruik
- Huurder is ontruimd vanwege oneigenlijk gebruik van de woning. Voorbeelden zijn een wietplantage, prostitutie of een illegaal pension.
- Laatste Kans traject
- Een Laatste Kans traject kan worden ingezet voor huurders die vanwege overlast of huurschuld ontruimd zijn. Huurder kan in dit traject onder aanvullende voorwaarden, zoals begeleiding, reageren op woningen van andere corporaties dan de corporatie die huurder in het Regionaal Vangnet geregistreerd heeft. De corporatie die de woning aanbiedt, bepaalt de voorwaarden en de begin- en einddatum van het huurcontract. Als huurder het traject goed doorlopen heeft, gaat het huurcontract met extra voorwaarden op de einddatum van het contract over in een regulier huurcontract en stopt de registratie in het Regionaal Vangnet. Het Laatste Kans traject duurt maximaal 5 jaar.
- Directe Uitsluiting traject
- Huurders die vanwege oneigenlijk gebruik van de woning, bedreiging of als Noorderzonner zijn ontruimd, belanden in het directe uitsluitingstraject. In het directe uitsluitingstraject kan de huurder 5 jaar niet reageren op al het aanbod van WoonnetRijnmond. Na 5 jaar kan deze weer op alle woningen reageren.
- RV- reden van ontruiming: Noorderzonner
- Huurder heeft de woning vlak voordat hij/zij de woning zou worden uitgezet, verlaten zonder de corporatie over het vertrek te informeren.
Regio akkoord
- Regioakkoord Nieuwe Woningmarktafspraken Regio Rotterdam 2022
- Akkoord dat door de 12 gemeenten van het Samenwerkingsverband Wonen, de aangesloten woningcorporaties en de provincie Zuid-Holland is ondertekend. In het Akkoord staan afspraken over de uitbreiding van het aantal woningen in de regio Rotterdam en het zorgen voor een betere balans van het woningaanbod in de regio.
- Sociale voorraad
- De voorraad van sociale huurwoningen in de regio. De sociale voorraad bestaat uit de volgende segmenten: - Corporatievoorraad: DAEB voorraad - Particuliere huurvoorraad < huurliberalisatiegrens (prijspeil 2022: € 763,47); - Koopwoningenvoorraad < € 210.000 WOZ-waarde (prijspeil 2022);
- DAEB
- Diensten van Algemeen Economisch Belang. Volgens de Woningwet 2015 moeten woningcorporaties zich in eerste instantie richten op DAEB activiteiten: het bouwen, verhuren en beheren van sociale huurwoningen (met een huurprijs tot de liberalisatiegrens), het beheer van maatschappelijk vastgoed en het investeren in leefbaarheid.
- Niet-DAEB
- Woningcorporaties mogen en kunnen zich ook bezighouden met niet-DAEB activiteiten, om bijvoorbeeld gemengde wijken te creëren. Hieronder vallen het bouwen, verhuren en beheren van huurwoningen in de vrije sector, koopwoningen en commercieel vastgoed.
- SvWrR
- Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam, bestaande uit de 11 gemeenten uit de regio Rotterdam.
- Beschikbaarheid
- De regio wil voldoende beschikbaarheid op lokaal niveau en een regionaal gelijkmatiger toegang tot de sociale voorraad van huurtoeslaggerechtigden. Op gemeentelijk niveau wordt tenminste 75% van de vrijgekomen huurwoningen van de corporaties met een huurprijs onder de liberalisatiegrens toegewezen aan de primaire doelgroep (huurtoeslaggerechtigden)
- Betaalbaarheid
- De regio wil voldoende betaalbare woningen met een huur onder de bovenste aftoppingsgrens op lokaal niveau en meer balans van deze voorraad in de regio. Concreet: op gemeentelijk niveau een sociale huurvoorraad van de corporaties die voor tenminste 70% bestaat uit woningen met een huurprijs tot de bovenste aftoppingsgrens